Aangenaam. Mijn naam is Margje Oerlemans-Laros. Onder leerlingen beter bekend als juf Margje, juffrouw, juf, juuhuuuuff of soms zelfs mama of opa. Inderdaad, ik ben leerkracht. Trotse leerkracht van groep 7 bij OBS Den Bussel. Graag neem ik jullie mee in mijn leven als leerkracht.
Er zijn twee momenten in het schooljaar waarop de tijd zich anders lijkt te gedragen. De eerste week na de zomervakantie lijkt ongeveer drie maanden te duren. De laatste drie weken voor de zomervakantie duren ongeveer drie minuten. Eén keer knipperen en het is voorbij. We bevinden ons momenteel in die laatste categorie.
In groep 7 is de vakantie namelijk niet iets wat nog moet komen. Nee, de vakantie is inmiddels een levenshouding geworden. Elke ochtend wordt begonnen met dezelfde vraag. "Juf, hoeveel dagen nog?"
Eerst wist ik niet zo goed wat de leerling nou precies bedoelde. Nog hoeveel dagen tot wat? Niet hoeveel dagen tot de toets. Niet hoeveel dagen tot het schoolreisje. Niet hoeveel dagen tot het einde van het hoofdstuk. Nee. Hoeveel dagen nog tot de vakantie.
Ik heb het idee dat sommige leerlingen inmiddels beter op de hoogte zijn van de vakantietelling dan van de tafels van vermenigvuldiging. Zelf probeer ik de schijn van professionaliteit nog een beetje hoog te houden. "We gaan eerst nog hard werken." Dat zeg ik tenminste. Ondertussen betrap ik mezelf erop dat ik tijdens de lunchpauze zit te kijken wat voor weer het wordt op mijn vakantiebestemming over een paar weken. We zitten allemaal in hetzelfde schuitje. Kinderen voelen dat feilloos aan.
Laatst was ik een uitleg aan het geven over rekenen. Halverwege mijn verhaal zag ik een hand omhooggaan. "Ja?"
"Juf, bent u ook toe aan vakantie?" Dat was een gevaarlijke vraag. Want pedagogisch gezien had ik natuurlijk moeten antwoorden dat ik elke dag met energie en enthousiasme voor de klas sta. Wat overigens ook meestal waar is.
Maar na een schooljaar vol werkwoordspelling, verkeersexamens, toetsen, plakkerige tafels, vergeten lunches, niet gemaakt huiswerk, projecten, zoekgeraakte spullen, uitleg geven, stickers plakken en complimenten geven voelde een volledig eerlijk antwoord ook wel gepast. Dus ik zei: "Een klein beetje." De klas begon te lachen. Alsof ze een groot geheim hadden ontdekt.
Want dat is misschien wel het mooie van groep 7. Ze zijn oud genoeg om te begrijpen dat meesters en juffen ook gewone mensen zijn. Mensen die soms moe zijn. Mensen die af en toe hun dag niet hebben. Mensen die op vrijdagmiddag ook niet altijd meer weten waar ze hun eigen pen hebben neergelegd. Overigens vermoed ik dat die pen zich inmiddels bevindt op dezelfde geheime plek als alle verdwenen lijmstiften, elastiekjes en whiteboardstiften. Er moet ergens een parallel universum bestaan dat volledig draait op schoolspullen.
Nog even en dan begint de vakantie. Maar eerst nog een paar weken lesgeven, opruimen, afronden en afscheid nemen van een prachtig schooljaar.
En natuurlijk elke ochtend opnieuw antwoord geven op dezelfde vraag. "Juf, hoeveel dagen nog?"
Inmiddels weet ik het antwoord uit mijn hoofd.
Mijn leerlingen, mijn klas. En ik mag hun juf zijn. Hun trotse juf.
