In de Tweede Wereldoorlog is Noorwegen in april 1940 bezet door de Duitsers. In het najaar van 1941 besluiten vijf jonge Noren, de twintigers Tormod Abrahamsen, Nils Havre, Sven Moe, Jan Stumpf en Kai Thorsen, hun vaderland te verlaten om zich in te zetten voor de bevrijding van hun vaderland. Ze hebben een vissersboot met een kleine kajuit ‘gevonden’ (eigenlijk ontvreemd van een opa van één van de jongens) en geprepareerd voor de overtocht naar het vrije Engeland. Op 1 november ’41 vertrekken ze vanuit een kleine baai in de buurt van hun woonplaats Kristiansand in het zuiden van Noorwegen. Na drie dagen varen onder barre omstandigheden bereiken ze Newcastle.

Daar meldden de vijf Noren zich volgens plan aan bij de Engelse luchtmacht (RAF) om piloot te worden. Abrahamsen kreeg zijn vliegopleiding in Canada en werd bij het 331ste Squadron ingedeeld. Dat was het Noorse squadron van de RAF. Van de overige vier gevluchte Noren werden er twee eveneens piloot. Twee boordschutters. Eén piloot (Thorsen) en één boordschutter (Stumpf) overleven de oorlog. Abrahamsen voert als gevechtspiloot 54 missies uit, totdat hij op 3 november 1944 boven Vrachelen wordt neergeschoten.

Slag om het Markkanaal

In de opmars van de geallieerden naar Moerdijk, voor de oversteek van het Hollands Diep richting de strategisch belangrijke haven Rotterdam, moet het Markkanaal overgestoken worden. Tegelijkertijd zullen alle plaatsen onderweg bevrijd worden. Ook Den Hout. De oversteek van het Markkanaal op 3 november 1944 zal in Den Hout bij Ter Aalst en in Vrachelen bij de sluis in het Markkanaal plaatsvinden.

Omdat de brug over het Markkanaal eerder in de oorlog is opgeblazen, besluiten de geallieerden een baileybrug te slaan. Elke keer als daartoe een poging wordt ondernomen, wordt door de Duitsers vanaf Houtse zijde het vuur geopend. In de loop van de ochtend wordt een rookgordijn aangelegd om de schietende Duitsers het zicht te ontnemen. Als het rookgordijn optrekt, begint het Duitse vuur opnieuw, waarop de geallieerden besluiten een luchtaanval uit te voeren op de Duitse stelling. Rond het middaguur bestoken vijf geallieerde Spitfires (waaronder die van Abrahamsen) de mortierstelling met hun bommen en boordwapens.

Schuilkelder

Abrahamsen vliegt als tweede in de rij van de vijf Spitfires en wordt door het afweergeschut geraakt. Het aangeschoten vliegtuig raakt in zijn val enkele toppen van bomen langs de Lageweg en mist op een haar na de daar gelegen boerderij van de familie Kuijpers (waar 24 mensen in de schuilkelder zitten) om vervolgens in de Goorstraat (vroeger het Goor; thans de open ruimte voor basisschool De Meander) te pletter te slaan. Piloot Abrahamsen is op slag dood. De brokstukken van het toestel liggen overal verspreid.

‘Missing in action’

Omdat de andere vliegers niet weten wat er met Abrahamsen gebeurd is, wordt hij op de vliegbasis als ‘missing in action’ opgegeven. Uiteindelijk worden de Duitsers aan de overkant van de sluis uit hun stelling verjaagd en kan de baileybrug gebouwd worden. Om even na 15.00 uur is de brug klaar en rollen de eerste tanks het kanaal over op weg naar de bevrijding van Den Hout. Tegen het einde van de middag is dat een feit. De omgekomen vlieger Abrahamsen wordt naar Den Hout gebracht en opgebaard in het lijkenhuisje op het kerkhof aan de Houtse Heuvel. Een vriend, die naar hem op zoek gaat, kan hem daar identificeren. Abrahamsen wordt op 6 november 1944 door pastoor Brouwers op het Houtse kerkhof begraven. Na de oorlog wordt het stoffelijk overschot op verzoek van de Noorse ambassade opgegraven en in Den Haag gecremeerd. De as wordt naar Noorwegen gebracht en in Kristiansand door zijn familie begraven.

Jaarlijkse herdenking

In 2016 komt een groep Noren, in het spoor van het Noorse squadron van de RAF in WOII, naar Oosterhout en Den Hout. De Noren, leden van een heemkundegroep uit de buurt van Kristiansand, bezoeken de plaatsen waar Noorse vliegers tijdens WOII omkwamen. Zo wordt ook de crashplaats vlak bij de Oosterhoutse basisschool De Meander bezocht. Ter nagedachtenis aan Abrahamsen wordt bij de school een gedenkteken onthuld onder meer gevormd door stenen die de Noren uit hun woonplaats – en die van Abrahamsen – meebrachten. Sindsdien wordt het omkomen van Abrahamsen jaarlijks (elke eerste zondag van november) herdacht o.m. in aanwezigheid van de Noorse militaire Attaché.

De herdenking dit jaar is zondag 3 november om 10.00 uur bij het monument bij BS De Meander, Frits van Egtersstraat 1, Oosterhout.