Zaterdagavond zat de kleine zaal van de Bussel zo goed als vol voor de familievoorstelling van het Zoldertejater: ‘De Gelaarsde Poes’. Een sprookje? Ja en nee, want het was een parodie en ook meedoentheater. Dus konden theaterbezoekers op het podium een dansje wagen, met blikken gooien op de kermis en meezingen in deze komische bewerking van het bekende sprookje.
Ook in het origineel van Moeder de Gans was die Gelaarsde Kat een gewiekste bedrieger. Hij wilde zijn arme baasje Jaap, de jongste molenaarszoon die niks erfde behalve de kat, graag hoger op de sociale ladder helpen. En zichzelf natuurlijk. In de gemoderniseerde parodie van toneelschrijver Don Duyns waren meer dubbele agenda’s. Het oude vrouwtje ging als gouvernante op het paleis werken omdat haar zoon de reus zin had in prinsessenvlees. Een van de prinsesjes vond het paleis maar saai. Wendy ontsnapte naar de kermis omdat ze met een jongen wilde ‘tongen met spuug’. Zo liep ze Jaap tegen het lijf en werden de twee verliefd.
Valse vlag
Kijk maar uit: ‘numquam sub vexillo falso navigare’. Een Oelbertaan op de eerste rij die op school goed had opgelet, kende de betekenis van deze Latijnse spreuk: ´vaar nooit onder een valse vlag´.
De Gelaarsde Poes misleidde de koning en deed net of Jaap de rijke markies van Carabas was. En ook het publiek werd bij het bedrog ingezet. Want van wie waren toch al die landerijen waar de koets langsreed? “De markies van Carabas” riep iedereen. Het meedoe-theaterbeleving zorgde voor een interactieve avond. Op de kermis werden blikken gegooid en in D’n Aaibar meegedanst op Cotton Eye Joe.
Ad Evers had zijn regiepensioen onderbroken om voor de zoveelste keer (hij was de tel kwijtgeraakt) een stuk te regisseren van het Zoldertejater, waar hij in 1981 begon. Met zoveel jong talent in huis was dat vast een feestje. En ook twee Zoldertejater-spelers van het eerste uur waren van de partij. Een van hen, Sjef Horsten als oude molenaar, legde meteen in de eerste scène het loodje. Onder hilariteit van het publiek werd hij met kist en al weggereden.
Publieksparticipatie
Nicole Caron was een onderkoelde James Blond die op een ‘kekke bike’ rondreed. Blond werd uitgeschakeld door een vergiftigde Martini, uiteraard ‘shaken, not stirred’. Reus Timo Matray had op een gegeven moment wel genoeg van al die ‘publieksparticipatie’. Zo zat de voorstelling vol grappen, voor jong en oud. Natatcha Smulders was als Poes lekker doortrapt. Al had ze ook een gevoelig momentje toen ze ‘I’m only human’ zong van Rag’nBone Man. Wat een geweldige stem! Ja, muziek was er ook. ‘Smoorverliefd’ van Doe Maar en na de romantische finale een nummer van Ramses Shaffy. Toevallig of niet. In de grote zaal speelde Maarten Heijmans en Xander (zoon van Henny) Vrienten. Laat die eerste nou ooit de Gelaarsde Poes gespeeld hebben in de oorspronkelijke theaterversie van RO Theater. En in de dramaserie ‘Ramses’ speelde en zong Heijmans de titelrol.
Aan het applaus te horen vond het publiek het inderdaad een toffe versie van het Zoldertejater. Het slotnummer ‘Zing bid huil vecht lach werk bewonder’ werd keihard meegezongen. Wie weet heeft Maarten ‘Ramses’ Heijmans dat in de grote zaal kunnen horen.
CC (foto’s Casper van Aggelen)
