Op 22 april om 15.30 uur vindt in de bibliotheek de presentatie plaats van vijf boeken over de namen van Oosterhout. In deze reeks heeft schrijver Christ Buiks duizenden toponiemen verzameld, vastgelegd en verklaard. De boeken laten zien hoe namen eeuwenlang het enige middel waren om stukken grond van elkaar te onderscheiden en geven een beeld van het landschap van vroeger, gezien door de ogen van onze voorouders. Burgemeester Van Grootheest zal het eerste exemplaar van het boek ‘Namen van Oosterhout’ in ontvangst nemen.

De mens is gewend om allerlei objecten en vooral andere personen van een naam te voorzien. Bij mensen leidde dit tot voor-en achternamen en ook wel tot bijnamen. Bij dorpen en steden leidde dit tot een grote variatie aan namen. Nog veel meer namen waren nodig om de duizenden stukjes grond van boeren te onderscheiden. Voordat in 1832 het Kadaster werd ingevoerd, was een naam het enige middel om die percelen uit elkaar te houden. Door de komst van wegen, huizen en fabrieken zijn veel van deze namen verdwenen en zullen zij niet meer terugkomen. Daarom zijn ze in deze boeken vastgelegd.

Uit de namen, of toponiemen, zijn allerlei conclusies te trekken over de aanwezigheid van bossen, vogels, zoogdieren, onkruiden, gewassen en archeologische objecten. Ze vormen een cultuurhistorische schat en maken het mogelijk om bijvoorbeeld de vroegere dierenwereld te reconstrueren. Zo waren er in deze streek zeearenden, otters, bevers, wolven en vossen. In de Oosterhoutse Polder schoot de pluimgraaf van het kasteel in de 16e eeuw elke winter meerdere zeearenden, omdat deze de zwanen van de Heer van Oosterhout aanvielen. “De toponiemen geven als het ware een beeld van het landschap van eeuwen geleden,” aldus Christ Buiks. “Het is een cultuurhistorische schat die niet verloren mag gaan.”

Toponiemen

Om de namen te achterhalen zijn duizenden verkoopakten en belastingboeken doorgewerkt. Daarnaast zijn oude boeren bevraagd over de namen die zij nog kenden en de ligging van de gronden. Dit heeft geleid tot duizenden toponiemen in Oosterhout en tienduizenden in de Baronie.

De meeste namen zijn met ervaring goed te verklaren, maar voor velen blijft het onduidelijk waar namen als Dorst, Vrachelen, de Weststad of Seters vandaan komen. Ook de naam Oosterhout zelf is niet eenvoudig te verklaren, maar in de boeken worden deze vragen behandeld en vaak opgelost. “Het heeft veel jaren gekost om de namen bij elkaar te zoeken en te verklaren,” zegt Buiks. “Maar het resultaat mag er wezen.”

Het eerste deel van de reeks bevat een stuk landbouwgeschiedenis van Oosterhout en een overzicht van veelvoorkomende namen zoals akker, donk, bos en veld. De overige vier delen geven alfabetische lijsten van toponiemen per gehucht: Middelwijk en Leisen, Dorst, Oosteind en Den Hout. De boeken zijn verkrijgbaar bij de schrijver.