Wat kan het jou bommen joh, welke band er staat. Of welke enorm beroemde zangerd of zangeres er komt. Na een minuut of drie heb je het wel gehoord hoor, die Anouk of die Rowen Hèze. Al was het Tina Turner of Mick Jagger geweest, dan nog was het onderling geouwehoer, die reünie-gedachte belangrijker geweest. Kijk, ze (die muzikanten) moeten er niet met hun pet naar gooien natuurlijk, want één ding is zeker: Die komen dan nooit meer terug. Iemand zei het zo: “Dan speelde (voor mijn part) De Dijk, Direct en Blöf op één avond. Stonden wij te kletsen. Plots was het toen stil op het podium; bleek het afgelopen.”

Gewoon, een lekker muziekske en tijd om wat te dansen of kletsen met elkaar. Dáár draaide het ooit om en dat doet het nog steeds. En lol hebben natuurlijk, ook niet onbelangrijk. Door alles wat zich de afgelopen jaren had afgespeeld en tóch de wens om het Park-feest in stand te houden was het zaak om beide benen aan de grond te houden. De hele ‘oude garde’ van voorzitters en aanverwanten was er dus ook, net als de sponsorborrel.

Vibratorrace

Dus was de lay-out van het park behoorlijk veranderd. Twee tappunten, een hele kleine artiestenfoyer en vooral geen dikke-nekken-gedoe. Knus, en gewoon Wosterouts, dat was het thema. En aan die opdracht werd massaal gehoor gegeven, hoe heet het ook was, vooral zaterdag. Vanaf het allereerste begin zat de sfeer er enorm in, het leek op East-woodstock in het groot. Geen dikke nek te bekennen, iedereen kende zowat iedereen. Er was zelfs een vibratorrace, eindelijk geen kamelen. De taps draaiden op volle toeren, wat ’s avonds wel tot enige paniek leidde. Tanks op de verkeerde plek. Lange rijen ook voor de twee tappunten, soms was het 20 minuten wachten voor je aan de beurt was. “En kan de bonnenverkoop weer vooraan in het park”, vroeg iemand. Voor de kassa van het Parkfeest enorm goed dus maar ietwat voor verbetering vatbaar. Dat hebben ze zelf ongetwijfeld net zo goed gezien en gemerkt.

Pretband

Sommige dingen zijn eigenlijk wel jammer. Wat een geweldig straattheater zou het zijn geweest als Matthijs Raaijmakers van de VVD met ietsje te veel bier op, Kiona Groenen van LOeS, die even verderop op het terras van de Vrijheid zat te eten, lekker een beetje lastig zou gaan vallen. Helaas, we kregen het niet voor elkaar en ook onze burgemeester wou daarin niet bemiddelen.

En de muziek? Ach, dat zal menigeen dus worst zijn geweest. De ‘Stones on fire’ leken een beetje geblust; Moreno van Rijthoven kwam gewoon op de fiets, heerlijk en tekenend voor het sfeertje. Vrijwilligers renden zich in het zweet, terwijl Sannie & Friends het geweldig deden, fraaie koortjes ook. Van Herman van Veen tot Doe Maar, lekker hoor. Van Eigen Bodem speelde ook prima en waarom zou je in godsnaam nog naar Rob de Nijs of Boudewijn de Groot verlangen als je deze band hebt. Oosterhouter Boy van der Heijden was bloednerveus, had nog nooit voor zo veel mensen gezongen. Hij mag ook wel iets aan zijn conditie doen, want soms was het een ietsiepietsie vals. Het werd hem door de meute vergeven, we zijn chauvinistisch hè. MTies, een clubje net-geen-pubers-meer afficheert zich als Elvis tribute band. Maar als je dan Johnny Winter de bas ziet bespelen klopt het plaatje in geen geval. “We hebben het instrumentale helemaal omgezet richting de rock”, aldus hun zanger (met hoge stem Viva Las Vegas zingen klopt ook niet helemaal), die overigens krullen had en dus niet gemakkelijk een vetkuif aan zal kunnen leggen. Ietsje meer creativiteit om die muziek te lijf te gaan en ze worden echt goed. De avond werd afgesloten door de Bazookas met in hun midden trombonist Remco de Bont. Zijn vader was eeuwenlang trombonist van de Hofkapel en de appel valt niet ver van de boom, want de Bazookas is gewoon een enorm goeie pretband. Staat als een huis en met een zanger die kans ziet om het hele park in beweging te krijgen. Feest dus. Deejay Funky V vulde steeds de podiumwisselingen en hij begeleidde iedereen ook richting de Klappijstraat.

Retestrak

Als vanzelf werd het weer zondag. Lekker wat afgekoeld, windje, dus een gebakken ei met spek werd het warme welkom. Vierhonderd kaarten werden ervoor verkocht. Ook mooi om te zien was het dat tal van oud-bestuursleden dagenlang hielpen sjouwen en tappen. Zij organiseerden zelfs een soort van reünie en benoemden er twee tot ‘volledig’; alle parkfeesten op de een of andere manier mee geholpen dus. De dikkebandenrace was inmiddels verreden en de winnaars waren alleen maar jongens, terwijl er toch echt ook meisjes mee reden. Een aparte prijs voor hun categorie zou wel zo eerlijk zijn geweest. Overal springkussens, een zweefmolentje, schmink en ‘Cut the crap’ mocht als eerste band het podium op. Overigens viel het in de programmering op hoe hoog het Oud-Brabant-gehalte aan bandjes was. Matthijs Koning, die onder andere Tom Jones deed herleven, mocht het volk toezingen van boven de tap.

Hoogtepunt van de middag was wel La Buena Vida. Braziliaans of Cubaans, latin en dan niet alleen retestrak maar ook nog eens heerlijk passend bij het zonnetje. Hallo zeg, Oosterhouts hè.

Het avondeten ging vergezeld van Moos en Pineapple Madness, leuke coverbands. Maar het Parkfeest 2025 werd uitgezwaaid door De Fik Erin en ja, laat dat maar aan hen over.

Aardige opsteker tenslotte: Er moesten in allerijl 35.000 consumptiebonnen worden bij gedrukt.

En ja hoor, er zal best wel worden geëvalueerd door de organisatie. Tip: Ietsje meer aandacht voor het straattheater? Den Hout kan gerust als voorbeeld dienen. Ooit begon het ook als een ‘clubke mafkezen’ die iets geks organiseerden. Dát accent hebben we hier nodig. En heel misschien de max stellen op 3.000 bezoekers en dat nooit meer veranderen; meer is gewoon niet leuk meer maar ook niet nodig, want werkelijk alles hier draait toch om dat aantal. Dit is de club die Oosterhout maakt tot wat het is, de rest vegeteert er alleen maar en moppert ‘dat hier nooit wat te doen is’. Niks mis mee, gewoon hou’en zo.

evr

(foto’s Casper van Aggelen)