Niet dat het minder belangrijk is hoor, maar waar (mogelijk) 40 duizend Oosterhouters denken dat het melkkannetje dat Vermeer ooit op een schilderij zette het ding is waar de melk uit komt heeft het helemaal fout. De melk uit die kan wordt opgevangen in een bakje en inderdaad, dat bákje is in Oosterhout gemaakt.

Dat werd donderdag duidelijk, toen Alexandra van Dongen van museum Booijmans uit Rotterdam haar boek ‘De tastbare wereld van Johannes Vermeer’ kwam presenteren in de Schelleboom.

Heerlijk om te horen als je iemand voor je hebt die een bepaald onderwerp heeft gevonden waar hij/zij zich in heeft vastgebeten (zie ook Cock Gorisse). Van Dongen deed dat door te onderzoeken waar de gebruiksmaterialen die op schilderijen te zien zijn (bezems, porselein, metaal) vandaan zijn gekomen. Dat kan uit India zijn geweest, uit Portugal of, ja, uit Oosterhout. Dat onderzoek werd ooit opgestart door Alma Ruempol en Van Dongen (overgrootvader kwam overigens uit ’t Fèr) zette dat voort.

En natuurlijk zegt dat niet alleen veel over toen, maar ook over het nu, want wij, de kijkers naar zo’n schilderij, hebben een totaal ander perspectief. Een bezem is een draadloze stofzuiger geworden en melk schenken we uit een kartonnen pak in een plastic beker.

Burgemeester Van Grootheest kreeg het eerste exemplaar van het boek en natuurlijk werd ook de familie Heemskerk bedankt, want uiteindelijk wisten zij dat ‘pottenbakkerserfgoed’ voor het nageslacht te behouden.

evr